2011-08-07 Zwaar weer en dan Ouisterham

De vooruitzichten voor de tocht van Portsmouth naar de Kanaaleilanden waren niet ideaal: de weersverwachting was windkracht 4-5 bij vertrek, en rondom de Kanaaleilanden lokaal zelfs 7. Het probleem was niet zozeer de windkracht als wel de richting van de wind die op het moment van aankomst haaks op de harde stroming zou staan en gedurende de totale tocht pal tegen. Dit leidt tot een langdurige tocht met hoge golven waartegen we ook nog eens op moesten kruisen. We besloten toch gewoon te vertrekken, we hadden zin in harde wind na al die dagen dobberen, en onderweg waren er genoeg andere havens waar we naartoe konden in het geval we de Kanaaleilanden niet zouden halen.

De tocht was tamelijk zwaar, maar tegelijkertijd een van de mooiste die we ooit hebben gemaakt. Ik denk dat elke zeilvakantie aan elkaar hangt van enkele mooie tochten. Zo maakte de harde wind tijdens de tocht van Enkhuizen naar Stavoren in 2009 de totale vakantie onvergetelijk. Het nachtzeilen richting Ameland in 2010 was naar mijn mening het mooiste van die vakantie, en de tocht over het kanaal van Portsmouth richting het zuiden in 2011 zou de huidige vakantie definiëren. Inmiddels ging de zon onder; de wind zou blijven aanhouden en pas de volgende dag in de middag ietsjes afnemen. Dit betekende wacht houden, het schip en de koers constant in de gaten houden en vooral opletten op andere schepen. Het wacht houden hing af van het welzijn van de bemanning, afhankelijk van wie zich meer bezig zou houden met zeilen en wie zich het meest bezig zou houden met het voeren van de vissen.

Ik (Laurens) sta op 1 keer kotsen, want de eerste avond moest er even gekotst worden. De teller van Marius staat naar verluidt op minstens 6 keer kotsen. Fred was bezig met een kotsmarathon, maar had zich gelukkig de dag erna goed herpakt zodat iedereen uiteindelijk best goed heeft geslapen. Daniel en Paul hoefden niet te kotsen, zodat zij de eerste wacht konden lopen. Na wat slaap konden Marius en ik redelijk fris weer wacht lopen. De hele nacht was het windkracht 6,5 met 7 in de vlagen, en de boot hield zich goed! Midden in de nacht wisselden we de wacht. Constant lifelines aangehaakt tijdens het zeilen, beuken op de golven en alle denkbare zooi die overal in de boot rondslingerde maakte dit een fantastische tocht. Gelukkig kunnen en konden wij de romantiek die schuilt in dit soort tochten waarderen. Sterker nog: het smaakt naar meer!

Halverwege de tocht, op de ochtend na de indrukwekkende nacht, bleek dat we op de kaart nauwelijks meer opschoten. De stroming zette ons steeds terug en dat de Kanaaleilanden ‘in de wind lagen’ hielp ons ook niet echt. Nadat we constateerden dat een uur varen ons slechts een halve mijl in de juiste richting hielp besloten we de Kanaaleilanden te laten voor wat ze zijn. Volgend jaar weer een kans. We besloten zeil te zetten richting Ouistreham, nog ruim een halve dag zeilen met de wind mee en dan lekker rustig aan richting het Fransje plaatsje. De rest van de tocht ging rustig, op een enkel moment na waarop de wind plots snel toenam en er even gereefd moest worden. Uiteindelijk kwamen we om 0300 uur ’s nachts aan in Frankrijk. Dit was de langste tocht ooit, na ruim 40 uur op het water te hebben gezeten konden we weer lekker slapen.

Dit bericht is geplaatst in Zeilvakantie 2011. Bookmark de permalink.