2011-08-17 Blankenbergen naar Oudeschild

Wat verlaat, maar laat dat de pret niet derven. De laatste mijlen gingen snel, heel snel! Desalniettemin waren dit wederom spannende uren en kunnen wij nu spreken van een beetje ervaring als zeezeiler. Toen wij uit Bologne vertrokken keken de andere Nederlanders ons wat raar aan, het was namelijk laat. Wij vertrokken zo rond 7 a 8 uur ‘s avonds met de stroming volop tegen. Niet zomaar tegen, nee nog zeker 6 uur lang volop tegen. Een stroming van tussen de 2 á 3 mijl vanuit het Noorden, de richting die wij hadden gekozen.

Het is ons inmiddels wel opgevallen dat zeezeilers op te delen zijn in de echte sportzeilers, amateurs en hobbyisten of gewoon mensen waar een draadje los zit. Dat laatste geld niet voor ons, wij zijn meer van het reële avontuur. Waar andere vaak 5 uur ’s ochtends vertrekken om dan voor het donker op de eindbestemming aan te komen aanvaarden wij eerder de nachtelijke tochten. Zeker met ons einddoel Blankenbergen wisten wij toch al dat het nachtzeilen werd, dus waarom niet. Daarbij hadden we een waarschuwing in onze broekzak van de Franse douane.

De ingang/uitgang van Bologne is heel gevaarlijk. Door haar ligging en stromingen die op een conflicterende manier samenkomen staat Bologne bekend om hoge puntige golven. Dat was zeker waar! De golven komen niet naar je toe en gaan weer weg, nee deze golven ontstaan uit het niets van onder en gaan recht omhoog als een punt. Moeilijk te bezeilen. Wij moesten ver de haven uit, maar zodra de eerste meters voorbij de pier waren afgelegd dreef de stroming ons al naar de ondiepte. Zo scherp mogelijk aan de wind bereikte wij de juist kardinaal en konden toen tegen de stroming inbeuken met een goede windkracht 5 en dat met ruime wind. Wij voerden zeker 6 a 7 knopen en maakten ondanks de stroming toch veel meters.

De wind hield de hele nacht vol en voordat wij het wisten was Calais al in zicht. Terug van weg geweest, de ronde was gemaakt. Daniel was die nacht jarig, het was nog een leuk feestje. Daniel en Paul namen de eerste shift en knalde nu met soms tot wel 8 a 9 knopen over land richting Calais. Over land bedoel ik hier de gemeten snelheid volgens GPS, de werkelijke verplaatsing van punt a op de bodem tot punt b op de bodem. De snelheidsmeter geeft namelijk de snelheid door het water en met al die stromingen klopt die dus niet met de werkelijke snelheid.. over land.

De Ferry’s werden ontweken en om 6 uur ’s ochtends waren wij al ter hoogte van Duinkerken. De dag daarop was de wind gaan liggen en kwamen wij in de namiddag aan bij Blankenbergen. Stroming heeft weinig effect meer. De ene 6 uur neemt het je mee de goede richting op, de andere 6 uur de verkeerde wat het resultaat op 0,0 effect brengt. Uiteraard plan je altijd wel om die stroming optimaal te gebruiken, maar dat was nu niet mogelijk.

Blankenbergen was leuker dan verwacht met een gigantisch centrum en hele gezellige mensen. België is dan ook zeer goed bevallen met ook al een prachtig Oostende. De Bourgondische winkelstraten leven en ook het uitgaansleven was super. Lekker gezwommen en nog mee mogen genieten van een live concert.

Die dag daarop vertrokken wij richting Nederland. Het plan was om helemaal door te zeilen naar Texel. Wat een kick! Even met een zeilboot de totale lengte van Nederland afleggen. Van zuid naar noord, prachtig! Er stond een prima wind en dat maakt zo’n reis wel mooi. Paul en Daniel hadden wederom gekozen voor de eerste shift. Ons stond iets groots en spannends te wachten bij de oversteek van de maas ingang. Het enige verschil was dat het nu pikkendonker was maar verder deden wij het precies zoals op de heenweg. Kardinalen volgen tot de aanbevolen oversteekplaats. Dan bij de laatste kardinaal die nog 1 mijl voor de vaargeul ligt met de marifoon ‘maas entrance’ oproepen. De vorige keer kregen wij netjes een melding en moesten wij ons opnieuw melden bij de rand van de vaargeul. Dit keer kregen wij totaal geen antwoord. Ik heb meerdere malen de radiotoren opgeroepen maar zonder resultaat. Wij hoorden wel allemaal ander radioverkeer. Van grote vrachtschepen die Rotterdam in of uit wouden. Zucht, want ja het was druk, heel druk. Nou, daar gaan we dan, want de stroming was mee, de wind was mee en er waren weinig andere opties. Bij de rand van de vaargeul leek alles veilig. Er was wel een vrachtschip net binnen gevaren en die zag je nog de maas afvaren. In de verte waren wel lichten, maar geen duidelijke tekenen van aankomende schepen. Gewoon doorvaren dus. Elke 2 minuten heb ik een kruisje gezet middels de GPS coördinaten en zo als een rups op de kaart kropen wij de ingang over. De rode signaallichten die stonden netjes op 1 lijn wat betekenden dat wij precies in het midden zaten. Die gebruiken schepen normaal als aanvaarroute. Ja hoor, daar kwam die dan. Er kwam duidelijk een grote unit de haven uit en die was bijzonder snel snelheid aan het maken. Er was veel radioverkeer en ik had ook het idee dat er over ons als boot gesproken was. Ik had ons netjes aangemeld en ook een bericht in het Engels door gegeven aan alle omliggende schepen dat een zeilboot van 11 meter de oversteek ging maken.

Zucht… Het ging allemaal goed want inmiddels, na het 10e kruisje aftekenen waren wij op de rand van vaargeul, de vaargeul die wij zijn over gestoken, de vaargeul waar duizenden vrachtschepen doorheen gaan en de vaargeul die 10 minuten later mijn grootste nachtmerrie had kunnen zijn. Binnen 5 minuten kwam er een gigantisch vrachtschip de haven uit stormen. Ik had de lichten al gezien maar ook nu was het duidelijk aan de andere kant. 3 vrachtschepen uit het zuiden hadden een bocht gemaakt en kwamen de haven binnenvaren. Dan denk je, minderen die geen vaart? Ja, dat doen ze ook wel, maar waarschijnlijk pas bij de ingang. Ze moeten nog een heel stuk naar Rotterdam haven. Daniel kon op zijn telefoon de schepen identificeren. Het waren units van tussen de 200 en 300 meter. Echt ongelovelijk! Wij weten nog steeds niet waarom niemand reageerde. De marifoon is later gecontroleerd en werkte naar behoren.

Scheveningen was al in zicht en in rap tempo voerden wij noordwaarts. Na enige verstreken tijd zagen Marius en ik heel veel lichten in groepjes. Vissersboten dachten wij. Ze leken op ons af te varen dus weken wij iets naar het land toe. Naarmate wij dichterbij kwamen bleken het gigantische tankers te zijn. Ze lagen daar voor anker. De kaart gaf ook aan ‘ankerplaats vrachtschepen’. Waarschijnlijk nog geen toegang om Rotterdam in te varen of wellicht dat ze wachten tot de prijs van hun lading stijgt. Hoe gaaf is dat, nu konden we langs zo’n tanker varen en dat heel dichtbij. Gaaf om mee te maken. Je voelt je dan terecht een klein zeilbootje, wat een bruut lomp stuk ijzer.

Na een heerlijke dag zeilen kwamen wij aan bij Den Helder en tourden richting Oudeschild (Texel). Daar heerlijk pasta met zalm gegeten. Frederiek had gigantische blikken geregeld. Zeilvrienden van de scouting kwamen langs en samen gingen wij te fiets richting de Koog. Tijd voor een feestje en dat is het geworden. Uiteraard waren er die avond weer de klassiekers maar die vertellen wij beter persoonlijk wat over. De dag daarop vroeg op, dat terwijl de man met de hamer was langs gekomen. Richting de sluis en terug naar zoet water.

Vaarwel aan het zoute zilte water. Bedankt voor de droge huid, de gebarsten lippen maar het meest belangrijkst, de gaafste zeilervaring van ons leven. Wat een tocht! Volgens jaar Scilly Islands!!

Groetjes van de crew

Paul

Dit bericht is geplaatst in Zeilvakantie 2011. Bookmark de permalink.