2012-08-14 Alderney

Voor ons doen vroeg uit de veren, het is een kort tijdbestek waarbij onze 1,70 M diepe S spant over de ondieptebalk heen kan met hoog water. Het werd een mooi dagje met een prima wind die uiteindelijk gunstig uitviel. De voorspelling was NO (noord-oost) en wij moesten dus scherp aan de wind. Wij wouden aan de linkerkant van Alderney doorsteken en langs de Noordkant van het eiland waar de baai lag. De wind was meer O (Oost) dan verwacht en zo konden wij scherp varen en hoogte winnen.

De planning werd aangepast en er werd besloten om langs de rechterkant van het eiland te varen. Na vele uurtjes zonnen en lezen was er min of meer en een niet vooraf afgesproken wisseling van de wacht. Waar de uitslapers nog uurtjes inhaalden was het nu voor de ochtendmensen aan de beurt voor een dutje. Het was toch wel weer laat geworden de nacht ervoor. Hier kwam de klassieke fout ‘het komt wel goed zeilen’, waarbij laksheid om de hoek komt kijken en er niet meer op waypoint wordt gevaren. Het is immers zo’n mooi weer en rechts lag Frankrijk goed zichtbaar en links Alderney.

Wij kwamen in een heel bijzonder natuurverschijnsel terecht. De opening tussen Alderney en Frankrijk staat bekend om de sterkste stromingen op het kanaal en die woorden deden haar eer aan. Met motor en zeilen probeerden wij de boot Noordelijk te laten varen maar wij zaten nog in de onderstroom, de stroom naar het zuidwesten (vol tegen Alderney aan langszij zuidwaarts) en moesten de bovenstroom halen die aan de bovenkant van het eiland te vinden was. Dan was er niets aan de hand geweest. Het was redelijk vlak water maar waar zo her en der een klein vissersboei vast lag kon je het water er langs zien stromen met hoge snelheid, wat een kracht. De motor op volle kracht en je staat voor je gevoel simpelweg stil t.o.v. dat kleine boeitje, oftewel.. Over het water ga je heel hard maar over de grond (GPS – werkelijke koers) kom je geen pepernoot vooruit.

Wij moesten minder dan een mijl en zaten in het gebied met 2 sterke stromen, beide vanuit het noordoosten, maar de één afbuigend naar zuid en de aan naar west. Overal waren velden met kronkelend water en golven en draaikolken ontstonden uit het niets, echt zonder enige waarschuwing kwamen ze naast de boot of een stukje ervandaan. De GPS was totaal van de leg af. Het was als een knikker op een schaakbord dat alle kanten op rolde. De spanning nam toe want de motor kon niet harder en tegen deze minimale 5 knopen stroming was niet op te boksen. Wij besloten nog meer naar het westen te varen, naar het eiland ‘Alderney’ toe, daar waar de stroming minder sterk zou zijn. Wij zaten al min of meer in de kielzog van die 2 stromingen en meer naar het eiland toe zouden wij kunnen afsnijden naar het Noorden. Een nieuw gevaar was al meeberekend, ondieptes en rotsen, het was LW (Laag water). Het werkte en binnen 15 minuten haalde wij de Noordelijke stroom. Nog geen 15 minuten later lagen wij al in de haven, de stroom tilde ons op en voerde ons precies voor de ingang.

Wat wij bij binnenvaren zagen was prachtig. Tijdens de wereldoorlogen zijn er veel bunkers op het eiland neergezet vanwege de strategische ligging. Bovenop het eiland staat een gigantisch fort met meerdere batterijen (plekken waar kannonen staan) eromheen. Wij gingen aan een mooring liggen en hebben de avond afgesloten met voor ieder 2 biertjes en een heerlijke maaltijd. Weliswaar zonder vlees maar met zoveel groente dat het niet uitmaakte. Het mooie aan het leven op zee is dat je alle kleine dingen zoveel meer gaat waarderen. Waar je thuis niet moet denken aan een droog koekje is dit een delicatesse op het water. Denk eens aan pannenkoeken of een broodje met gebakken ei, heerlijk!

Alderney

Het zal ook niet, wij vallen vol met onze neus in de boter. Het is de Alderney week, de week van het jaar. Dit is de week met de leukste evenementen en feesten, er staat ons wat te wachten. Die dag met onze dinghy naar het strand en meteen is het raak. Er is een grote wedstrijd gaande op het het strand met zelfgemaakte boten die om een boei moeten. Het leek wel ter land, ter zee en in de lucht. Het mooiste vonden wij een bootje met doeken als zeilen. Terwijl de papa’s de bootjes voorduwen proberen de kinderen met roeispanen elkaar nat te maken en waterballonnen naar elkaar te gooien.

Eerst maar een lekkere douche en dan het stadje in. De mensen zijn zo beleefd en het was ons al snel duidelijk dat wij die avond naar de bunkerparty moesten. Een feest in een oude Duitse bunker met muziek. Eerst maar lekker genieten van de dag en het was tijd voor voetballen en bier drinken. Wij parkeerde ons ergens in een weiland met mooi gras net naast het einde van de landingsbaan waar de vliegtuigen net de lucht in zijn gegaan. Een prachtig geweld die propellervliegtuigen. Zoals altijd ontstaan er verdiepte discussies en filosofieën over Nederlandse politiek, samenleving, scheepvaart, ontwikkeling, milieu en noem het maar op. De onderwerpen worden sneller aangedragen dan de argumenten.

Uit het niets komt er een grote Hummer, echt zo’n gigantisch ding (Hummer), dat 4 op 1 liter rijd en de grootte heeft van een tank, op ons afrijden. Nieuwsgierig stelen wij ons voor en vragen ons af of er iets is. De bestuurder zegt dat wij in zijn achtertuin zitten. Met een ongelovige blik maar beleefd verontschuldigen wij ons en beloven alles netjes op te ruimen. Er was niet echt een probleem, hij kwam alleen polshoogte nemen. Nee, wij zouden never nooit in zo’n bak instappen. Na en potje voetbal kwam de Hummer weer polshoogte nemen. De bestuurder was nu alleen waar voorheen nog een kameraad in de wagen zat. Hij stapt uit met ze biertje en we kwamen in gesprek. Dit gesprek duurt minstens nog een uur voort in een hele relaxte lay-back sfeer. Wij eten onze broodjes en we hebben het voornamelijk over zijn leven. Hij is opzichter van een gigantisch landhuis en wij bevonden ons inderdaad in zijn achtertuin. De eigenaar was nooit thuis en deze Marc was eigenlijk de bewoner. Rijk was hij inmiddels geworden met een riant salaris en een goed ondernemend vermogen. Met alle resources was hij min of meer het mannetje van het eiland. Topgozer was het. Dat was later nog wel meer voelbaar onder de mensen, want Marc zagen we die dagen nog vaker. Er waren verschillen want hij vond Alderney helemaal niets en wij vonden het geweldig, maar dat maakte allemaal niet uit.

De brutale vraag volgde al snel of hij ons de bunker, waar de party zou plaatsvinden, niet wou laten zien. Voordat wij het wisten zaten we met 8 man in zijn Hummer en scheurde Marc over de landwegen richting de bunker. Wat een kracht, wat een wagen, haha. Wij werden netjes terug gebracht en hij moest een lading ophalen in de haven. Wij gingen weer voetballen tot hij weer langskwam, dit keer met de witte Hummer en Lamborgini deuren die naar boven opengaan, wat een mannetje. Wij krijgen een lift naar het dorp en dronken gezellig een pint terwijl de een diep in gesprek was en de ander zag hoe de Nederlandse hockeydames de gouden plak pakte. De boot zagen we niet tussendoor, want terwijl Marc echt moest gaan om ze vrouw op te halen gingen wij richting de stad.

Twee mooie kroegen volgde, allebei met live muziek met voornamelijk gitaar. Wij waren de meest aanwezige en vroeg eigen nummers aan om op los te gaan. Iedereen vond het prachtig. Toen, na een lange wandeling, eindelijk aangekomen bij de bunker. De muziek was verschrikkelijk en het was voornamelijk jeugd, maar gelukkig was er een groot kampuur. Daar lekker geklets met allemaal verschillende mensen. Paul werd chef kampvuur en kon zelfs mensen van de pallets afsturen, geweldig. Het was een mooie avond. De terugreis was minder soepel want in 2 groepen die los van elkaar vertrokken waren beide helemaal omgelopen via de kust. Jeroen en Paul werden nog achterna gezeten door en jeep omdat ze door een landerf waren gelopen. Wat een dag, wat een avond, wat een vakantie.

Alderney – dag 2

Hier blijven wij natuurlijk wel even, ook deze dag zou geweldig worden. Marc had in zijn rondleiding met de Hummer al de grote kampvuurplek laten zien. Een gigantisch geraamte aan pallets. Hij zou het vuurwerk die avond regelen. Wij waren natuurlijk van de partij. Eerst fietsen regelen wat niet was gelukt, allemaal uitgehuurd. Dan maar boodschappen doen en de boot volladen. De ene groep ging naar de boot bijslapen en de ander naar het kasteel bovenop de berg.

Die avond zagen wij elkaar weer bij het grote kampvuur. Het was gigantisch, hoog op de berg met zeker 100 pallets. Op zee zouden ze de tankers het kunnen zien. Het nam zeker 5 m2 in beslag. Het resultaat was een gigantische berg met kolen. Het vuurwerk was oorverdovend en het mooiste wat we ooit hebben gezien. Wij mochten de opbouw achteraf zien want Marc had het geregeld en die was min of meer onze maat. Gigantische kokers. De hemel hadden we nog nooit zo verlicht gezien. Er komt binnenkort een filmpje, je zult versteld staan. Ga je ooit op vakantie, ga naar de Alderney week en maak dit bijzondere feest mee. Afsluiting in een grote tent met live optredens van de locals, voornamelijk gitaarsessies. Iedereen dansen en zingen, wat een prachtig eiland!

Morgenvroeg richting Dieppe en dan richting huis. Hopelijk snel nog een blog

Groetjes vanaf de Wilde Vaart

Dit bericht is geplaatst in Zeilvakantie 2012. Bookmark de permalink.