2014-07-09 Oostende – Calais

6. De onvermoeide kardinaal
Oostende – Calais
08-07-2014 tot en met 09-07-2014

Een tocht die ons deed denken aan een week daarvoor. Weinig wind en met de stroming tegen gingen wij mijlen achteruit. In eerste instantie was het niet zo erg. De stroming was nog zacht en we hadden de motor bijgezet. Ver in het noorden zagen we windhozen die bijna het water raakte. An sich niet zo gevaarlijk, maar toen er 1 het water wel degelijk raakte en er ook een hele grote koker onder de wolken aan het draaien was, kon dat escaleren naar storm.

We hadden geen idee welke richting het op zou gaan. We wisten dat het ver weg was maar als je een duidelijk cilinder in de wolken ziet met 4 puntjes op elke hoek die snelle rondjes draaien ben je op je hoede. Het viel allemaal mee en konden rustig ons avondeten klaarmaken. Nu echt stroming tegen en dat wouden we niet nog een keer dus tijd om iets nieuws te proberen.

De avond viel en we zochten een grote kardinaal op. Een kardeel ligt vaak een de uiteindes van zandbanken en geven met kleuren en lichtsignalen aan of schepen aan de noord, west, zuid of oostzijde moeten passeren. Voor ons niet heel belangrijk, de zandbanken waren groot maar hadden we een minimale diepte van 3 meter.

Een behoorlijke opgave om aan te leggen omdat de kardinaal van rechts naar links gaat. Het deed ons denken aan het ankeren en dat was ook lastig met 2 knopen stroming. Nu bewoog niet alleen de boot, maat ook ons vaste punt dat met een ketting in de grond was verankerd. Na wat gepriegel kreeg Paul er een lijn door en dat zodat de Wildevaart de motor kon uitzetten. De boot kwam tot stilstand en begon ook heen en weer te bewegen terwijl het water van de stroming doorging. De Waterman kon achter de Wildevaart liggen door een lijn te gooien. Zo lagen er 2 schepen en een bewegende watermassa midden op zee, dat voor de Belgische kust.

Na een lekker kopje thee en het doornemen van de kaarten, boeken en getijdengegevens kwamen wij erop uit dat we nog 2 uur tijd moesten doden. Perfect voor een powernap. Later die nacht vertrokken we richting Calais. Eindelijk, we hebben westelijke wind en kunnen nu halve wind koersen. Het gaat hard, want de boot vaart zeker 4 tot 5 knopen en de stroming bij Dover Strait is minimaal 2 tot 3. Met topsnelheden van zo nu en dan 8 knopen kwamen we al vroeg in de ochtend aan bij Calais.

We ontweken een zandbank en navigeerden naar binnen. Het was niet heel makkelijk omdat er bij Calais elke 5 minuten wel een ferry binnen- of uitvaart. De ingang was groot dus we koersten door. De stroming drukte ons weg dus terwijl het lijkt alsof de boot naar de overkant stuurt is de werkelijk koers netjes aan de rechterkant naar binnen. E ferry toeterde hard maar we hielden koers. Het schip moet weten hoe de stromingen daar werken. Ze waren denken wij verbaast over onze keus om zeilend binnen te varen. We kenden de haven en met onze boordcomputer was het overduidelijk wat de boot deed. Ook de ferry kon dit op zijn schermen zien, vanwege onze AIS transponder. Misschien zei de ferry wel gewoon hallo.

Het was 6 uur en we lagen lekker aan de mooring in een beschermde baai. Tijd om lekker bij te slapen, want ook deze nacht was het zo lekker zeilen en hadden we geen slaap gepakt. Dat zal de laatste keer zijn, want de volgende tochten zouden langere tochten worden van soms wel 3 nachten op zee.

Dit bericht is geplaatst in Wereldreis 2014-2016. Bookmark de permalink.