2014-11-29 Palmeira – Santa Maria

24. Met Little Fart het strand op
Palmeira (Sal) – Santa Maria
28-11-2014 tot 29-11-2014

De volgende dag, na afscheid genomen te hebben van Max en Mike, vertrekken wij langs de mooie westkust van het eiland naar de ankerplek dat voor Santa Maria ligt. We hebben behoorlijk goede wind en genieten weer van het zeilen, ondanks dat we maar 3 dagen niet gezeild hebben! Van de vorige tocht zit er zelfs nog een rif in en die kan mooi blijven zitten. Het is prachtig om de vorm van het eiland via de kust te volgen en we kunnen de kaap op een mijl afstand langs varen. Voor ondiepte hoeven wij ons niet druk te maken. Doordat het vulkanische eilanden zijn, lopen die stijl af de diepte in.

De laatste bocht rondom het strand is nog een kleine uitdaging omdat we een paar slagen aan de wind moeten zeilen. Dat doet ons alleen maar goed, want dat betekend lekker schuin varen en de boot echt voelen beuken tegen de golven in plaats van het eeuwige voor de wind van de afgelopen maanden.

De ankerplek ligt niet zo beschut, dus we liggen aardig te rollen tussen de locale boten. Het kost ons zelfs 3 pogingen om goed te ankeren, maar dat is wel erg leerzaam! De eerste twee keer grijpt het anker niet goed, wat betekend eerst steeds 40 meter ketting binnenhalen. Met de bijboot, ons een weg banend tussen de heftige deining, komen wij kletsnat aan op het strand.

Het naar het strand toe varen is niet het moeilijkste, en stiekem heel erg leuk als je het goed doet. De branding is de deining die van mooie lange golven overgaat in harde rollers die breken op het water, doordat het snel ondiep wordt. Als je het goed inschat kan je precies op de juiste plek zijn, dat een deining die gaat breken de boot meeneemt. Je surft dan als het ware naar het strand en tot twee keer toe lukt het. Kicken! Je stapt simpelweg uit op het witte zand, omdat de golf zich weer terugtrekt voor een volgende, dus even snel tillen en je bent veilig.


Het teruggaan, door de branding heen, is het moeilijkste, maar wel te doen, al is het moeilijk om echt helemaal droog te blijven, zeker omdat we geen motor hebben. Je schat het zo in, dat er een zware roller breekt en kijkt en telt dan de volgende golven tot er weer een zware is. Je wacht af op een zware en gaat daarna zo snel mogelijk door het water, allemaal tot je heupen en dan snel het bootje in en keihard pedellen. Dit is het spannendste gedeelte, want als je op tijd bent, dan pak je de golf als een golf die de bijboot omhoog en omlaag laat gaan. Heb je pech, dan ben je niet snel genoeg geweest en breekt de golf over de bijboot heen, waardoor deze opspringt en mogelijk zelfs omslaat. Een natte onderbroek is dan gegarandeerd, gelukkig hebben we al onze spullen in waterdichte tassen.

Het is genieten om even gebruik te maken van de luxe van cafés aan het strand. Wij eten de lekkerste hamburger die we ooit op hebben. Er is een strandtent waar we voetbal kijken en zowaar Nederlanders om ons heen horen vanwege een wedstrijd van Ajax! We sluiten af met een ijsje en gaan weer op pad naar de boot.

De volgende dag vermaken wij ons met waterpret; een dag surfen snorkelen en zwemmen! Met een lijn die naar de top van de mast loopt, springen wij van de punt van de boot waardoor je met een grote zwiep rondom de boot vliegt. Als je dit goed timed op een mooie golf vlieg je meters door de lucht! We snorkelen onder de Wildevaart door en proberen de bodem te bereiken. Het is zeker 9 a 10 meter diep, dus dat is pittig en geeft veel druk op je neus en oren. Met de duikflippers van Paul lukt het net, maar niet voor lang. Dit is echt iets dat je moet trainen, al is Paul al aardig goed met zijn adem in houden, wat hij tijdens de nacht shifts traint.

Naast ons ligt een duikboot van 14 meter lang. Het is een duikboot die een paar meter diep kan en waar toeristen onderin plaats nemen op banken met aan de zijkant raampjes. Wij snorkelen eronder door en inspecteren dit grote gevaarte.

De bijboot krijgt een grote schoonmaak, alsmede de Wildevaart zelf. De tijd dringt, want wij willen rond 1 december richting Barbados vertrekken. Alles zit weer vast en zonder hulp van de motor, varen wij op de klassieke manier weg van onze ankerplek. Dat is dus gewoon netjes fok bak, zeilen open en gaan met ons schip.

Dit bericht is geplaatst in Wereldreis 2014-2016. Bookmark de permalink.