2015-02-02 Curaçao

32. We kunnen weer Nederlands praten
Kingstown (St. Vincent) – Spaans Water (Curaçao)
2015-02-02 tot 2015-02-21

De tocht naar Curaçao gaat als een waas voorbij vanaf het moment dat we de zeilen hijsen bij Young Island. Het gaat ons letterlijk en figuurlijk voor de wind en zeilen met een gemiddelde van 5 knopen. De boot wiegt heerlijk heen en weer op de lange golven. Op deze manier kunnen we nog wel een paar weken door! Een paar weken is niet nodig, de tocht is 460 mijl en voor de wind doen wij er 4 dagen over. De meest snelle en comfortabele tocht tot nu toe met de Wildevaart, we zijn in onze nopjes. Onderweg lift er een prachtige vogel met ons mee. Ze komt `s nachts tijdens Paul zijn shift verwaaid aanvliegen en probeert met moeite te landen. Na enkele pogingen rolt Paul de vogel zorgvuldig in een handdoek ze krijgt de aandacht die de vogel nodig heeft. En jawel, na een paar uur, wanneer de eerste zonnestralen aan de hemel tevoorschijn komen, vliegt het kleine beestje de zonnestralen tegemoet. Verder zien we grote Dorades de lucht invliegen, jagend op de vliegende vissen die met de Wildevaart mee zwemmen. Helaas gaat het jagen ons minder goed af, we vangen helemaal niets deze tocht. Dan toch maar weer een tonijnsalade uit blik, wat overigens een heerlijke traditie blijft.

Als eerste ‘land in zicht’ zien we Bonaire, waar het wemelt van de kiltevliegers. Het schijnt hier een windsport paradijs te zijn met weinig golven en veel wind! Dan volgt klein Curaçao en voor we het weten vliegen we langs de kust van Curaçao, op naar Spaans Water. Het is een smalle ingang, met vele ondiepte`s aan weerszijde, we zien de Tafelberg liggen en als we de geul binnen varen wordt er druk naar ons gezwaaid. Wat een warm welkom, Spaans water is omgeven door ressorts en grote villa`s. We kunnen ons nog geen goed beeld vormen van dit land. Als we ons anker laten vallen op een mooi rustig plekje, springen we in onze dinghy en staan te popelen om aan land te gaan.


Eenmaal aan land, vragen we ons af of we echt Nederlands kunnen praten hier, we hebben zelfs gehoord dat er een Albert Heijn is! Onze speurtocht voor deze eerste avond gaat uit naar frikadellen en kroketten, die zullen vast wel in Willemstad te vinden zijn! Op straat vragen we een mevrouw in het Nederlands de weg naar Willemstad en jawel, ze praat Nederlands terug! We zijn hyper en liften naar de stad, voor we het weten hebben we al een lift te pakken, achterin de pick-up van 2 aardige mannen. Laurens vindt zijn frikadel en verder konden we het niet laten een ijsje te eten bij de Mac. Willemstad kwam rustig en kleurrijk op ons over, maar veel hebben we er nog niet van gezien. We zijn moe van de tocht en gaan weer terug naar de boot, morgen weer een dag. Met een lift van een vrouw uit Jamaica en haar dronken man van Curaçao zijn we weer een verhaal rijker en na de dinghy rit vallen we al snel in slaap, thuis op de boot.

De volgende dag gaan we eerst inklaren bij de douane en immigratie. Dit gaat bijzonder gestructureerd als we het vergelijken met andere plekken. Helaas doet het programma het niet volledig en moeten we de volgende dag terug komen. Dan maar gelijk naar het ressort waar familie van Laurens zit, dit blijkt maar een kwartier wandelen van ons dinghy dock en er tegenover zit de Albert Heijn! Het was een leuk weerzien en raken die avond niet uitgepraat. We maken gebruik van de douche, van de koelkast, vriezer met ijsblokjes en het zwembad in het ressort. Het is bijna gênant hoe snel we aan de luxe wennen en vinden het heerlijk. We wassen er zelfs onze kleding en wanen ons in de oneindige luxe.


Tijdens een vakantie is relaxen belangrijk en dat kan nergens beter dan in het heerlijke ressort met alle gemakken, maar Curaçao vraagt ook om ontdekt te worden, dus we gaan veel op pad. Er is Carnaval met uren lange optochten in Willemstad. Je kijkt je ogen uit, alle kleuren van de regenboog komen voorbij en outfits waarbij veel fantasie en creativiteit gebruikt is. We bezoeken het museum van de slavenarbeid en dat maakt een behoorlijke indruk, want de Nederlanders zijn niet zo aardig geweest, back in the days!


Rianne huurt een auto en met Andre als chauffeur toeren we het hele land door. Er zijn heel veel landhuizen en die kan je allemaal bezoeken, maar alleen het langsrijden is al een beleving. Na wat speurwerk begrijpen we al snel dat als een afrit wordt aangegeven, je meteen moet gaan, want anders mis je hem (niet zoals in NL, waar het al 10x van te voren wordt aangegeven). We gaan de gigantische Juliana brug over die over het kanaal loop voor de binnenkomende zeeschepen en gaan richting Westpunt.

Onderweg maken we diverse uitstapjes. We gaan het natuurreservaat in en via een speciale route vinden we uitzichtpunten op de zee en heel Curaçao. We bezoeken de grotten en bekijken de muurschilderingen van nog uit de tijd dat hier indianen leefden. De volgende stop is de punt van Westpunt waar we lunchen en hier is de beroemde rots waar je van af kan springen. Het is best spannend, want het is 10 meter en de je weet niet hoe diep het is. Mensen springen dagelijks, maar de borden liegen er niet om. Na wat navraag blijkt het veel te gebeuren en is het diep genoeg en wagen wij de sprong. Wat een kick en we springen nog een paar keer. Wanneer we schildpadden zien zwemmen en even dachten een haai te zien is de pret voorbij en gaan we verder richting het Oosten weer.


Er zijn veel Pelikanen op Curaçao en meerdere parken waar ze leven. Wij bezoeken er 1 en vinden hele groepen mooie prachtige roze vogels met lange poten. Ze kunnen overal in het water lopen en met mazzel zien we een hele groep opvliegen. Tot slot bezoeken we een landhuis waar ze nu verslaafden helpen.
Het Carnaval is het toppunt en elke avond gezellig een drankje doen, samen eten en ontbijten maakt het dat week zo voorbij is. Na 8 dagen zwaaien wij Rianne, Andre en Naomi gedag die alweer richting Nederland gaan. Wij blijven nog drie dagen en zorgen voor eten, drinken, reparatiespullen en bereiden de boot voor op de volgende tocht. Het wordt geen Venezuela, dat lijkt ons te gevaarlijk. We gaan voor de overkant en hopelijk halen we de British Virgin Islands.


Dit bericht is geplaatst in Wereldreis 2014-2016. Bookmark de permalink.