2015-06-17 Iangua – Crooked Isl. – George Town

39. Bull sharks & zwemmen met pijlstaartroggen
Great Inagua – Crooked Island – George Town
2015-06-10 tot 2015-06-17

We zijn goed op weg naar Crooked Island en gaan nog steeds harder dan 6 knopen! We krijgen een wat scherpere wind en eindelijk kan Arie (onze windvaan) weer echt aan de slag. Nieuwe lijnen, nieuwe bevestiging en koppeling aan het roer en alles goed gesmeerd. Arie doet het super, maar heeft met ruime wind wel de gebruikelijke moeite.

We varen door de zuidelijke passage bij Crooked Island en komen op vlak water terecht. De boot vliegt en schiet door het water! Wat een heerlijk gevoel als je eigen schip de golven creëert, als de rimpels van een steen die je in een meer gooit. Prachtig, en het is niet meer zo ver, rond 6 uur in de avond komen we aan. Dit is 1 van de snelste tochten ooit, een welverdiende 2e plek, naast de topper richting Curaçao met een gemiddelde van 6.8 knopen (+/- 13 km/h).



We gaan voor anker voor het “dorpje” en ankeren in 5 meter lichtblauw water. Joe en Juliette komen een uurtje later aan, want Joe had op weinig zeil gevaren. We gaan niet zwemmen, want het is al schemerig en dat is maar goed ook. Dit eiland ligt nog aan de diepe oceaan en het land loopt van de kust (1 tot 5 meter) al snel naar 20 tot 50 meter en dan in 1x naar 1000+ en later 3000+ meter. Joe verteld ons dat haaien ’s nachts jagen en dat hier veel stierhaaien zitten, die nogal agressief zijn. Denk je eindelijk over je angst heen te zijn voor de grote zee, komt hij met dat verhaal. Nee, deze haaien zijn er overdag niet en ook niet in de Exumas, dat afgesloten is en niet dieper dan 10 meter zal zijn, je vindt er alleen nursery sharks. Die doen niets en daar gaan we mee zwemmen (owja?).

De volgende dag staan we al om half 7 op zonder het echt door te hebben, althans Paul heeft het niet door tot het 11 uur is. Frederiek werkt alle roestplekken weg aan de zijkant van de boot en de Wildevaart schittert weer en Paul maakt het onderwaterschip schoon. Twee uur in het water en dat met Barracuda’s die je rustig aangapen. Ze komen tot 3 meter in de buurt en kijken heel eng met uitpuilende tanten! Ze vallen mensen niet aan, maar je bent wel op je hoede want deze ‘visjes’ zijn soms 2 meter lang! Gelukkig niet zo breed, maar toch, het is geen lief goudvisje! Plots zwemt er een gigantische pijlstaartrog langs Paul, Frederiek pakt ook snel haar snorkels en samen zwemmen we een half uur met de pijlstaartrog, wat een beest!

Na een lunch op het strand verkennen we het land met Joe en Juliette en ontdekken dat dit een 7th day religie eiland is en een dry eiland, dat betekend, er wordt geen alcohol verkocht en liefst ook niet gedronken! De kerk is op zaterdag, de 7e dag en dan is het er doodstil. Er was echt niemand te zien, geen mens op straat. Uiteindelijk is dat niet gek, want er wonen hier maar 70 mensen en wederom geen pinautomaat aanwezig, wel een bibliotheek van 10 vierkante meter en een supermarkt met aardappelen en uien, heel wat!



Later op het strand lopen we richting de vuurtoren langs prachtige, verlaten strandhuizen, waar we in hangmatten liggen en ons verwonderen over dit paradijs. Het strand is een echte gift shop met allemaal mooie waaiers van koraal, sponsen, stenen, schelpen en als je mazzel hebt een witte munt (Sand dollar genoemd).

Dan schrikken we ons kapot, de adrenaline schiet door ons lichaam. Op nog geen 4 meter afstand zwemt een haai, een grote haai van zeker 2 meter die sensueel en heel kalm langs de kust gaat. De vin is boven water en het is duidelijk een stierhaai. We volgen hem tot hij verdwijnt naar dieper water. Wauw, wat een gaaf dier maar, maar ook eng! Zo’n haai kan aardig agressief zijn en staat in de top 3 van haaien die mensen kunnen aanvallen. Nou, we denken maar niet aan al dat zwemmen rond de boot vandaag, een paar meter verderop.



Die avond willen we een kampvuur maken op het strand en we nodigen alle buren uit die ook voor anker liggen, allemaal Amerikanen! De Bahamas is echt het paradijselijke achtertuintje van Amerika. We sprokkelen hout en rond 7 uur, wanneer de zon rustig ondergaat, verzamelen we op het strand. Het is een slachting! Het begint rustig met een paar muggen en soms een steek op je been of arm en rug, maar naarmate het donkerder wordt, worden we door 100’en steekvliegen aangevallen. Een Fiasco en Joe die als enige vuur had meegenomen is even naar de supermarkt en nergens te bekennen. Zelfs met vuur hadden we dit niet gered, want terwijl je op 1 arm 5 muggen wegveegt, steken 10 anderen je linkerarm en zijn er alweer 5 geland. We worden en gek van en de andere Amerikanen slaan op de vlucht. Joe en Juliette komen maar niet en wij rennen rondjes en besluiten ook te vluchten. Eindresultaat, we zijn allebei zeker 70+ keer gestoken in een tijdbestek van 10 minuten. Wel tijdens de muggen een tweede stierhaai gezien, voor ons neus langs de kust! De avond begint, dus de jacht voor de haaien ook.. wij zullen niet gaan zwemmen, gelukkig hebben we de dinghy terug naar de boot.

Die avond borrelen we bij Osprey en kunnen we niet van de bulten afblijven. We vatten amper slaap, door alle jeuk, maar er zijn gelukkig geen muggen op de Wildevaart. Die ochtend vertrekken we vroeg richting Conception Island. Plus minus 10 knopen wind en wat golven, dus we verwachten niet zoveel vaart en plannen onze aankomst de volgende ochtend. Die 10 knopen is een minimum en eenmaal onderweg pakken we zeker 15 knopen op en varen we met 2 riffen en een halve Genua naar het Noorden met dik 6 knopen. De Wildevaart blijft vliegen in dit gebied en we besluiten door te zeilen naar George Town. Dan is de aankomst in het licht en maken we wat meer mijlen.



Die ochtend wacht ons de meest spannende aanvaarroute ooit, namelijk tussen rotsen en riffen door, stukken land en heel veel ondieptes. Er is een route, maar je moet wel de waypoints perfect aanhouden en rekening houden met sterke stroming. Zodra je binnen bent valt het mee, want dan wordt het water weer kalmer. Het is dan alsof we op het Gooimeer zeilen en de riffen onder water zijn de dijken die ons beschermen van grote golven. Het is net een uurtje licht als we naar binnen motoren en alles verloopt goed. Die ochtend leggen we al rond 8 uur aan bij een idyllisch eilandje boven George Town.
Zo, hier hadden we stiekem wel even behoefte aan. Een samenleving met meer dan 70 mensen, een supermarkt, een normale bank, een tankstation, water en een plek om de vlag van de Bahamas te kopen. We liggen heerlijk voor anker en werken nog wat aan het onderwaterschip, nadat Frederiek zich eerst mentaal over de 2 stierhaaien heen moest zetten van de dag ervoor. Dan met de Dinghy 2 kilometer naar de overkant waar de stad ligt. Geweldig, we varen onder een bruggetje door een binnenwater op waar een dinghy dock is.



Ondanks dat we al heel wat leven in de Wildevaart geblazen hebben, blijven er lijstjes met klusjes. Maar waar is dat leuker dan hier in het paradijselijke gebied van de Bahamas? Frederiek begint de dag bovenin de mast, eens even goed het uitzicht met alle kleuren water in haar opnemend, adembenemend. Ondertussen ziet ze van bovenaf dat er een gigantische schildpad langs de boot zwemt, ook goedemorgen! Omdat de Wildevaart een tijdje stil heeft gelegen en we toch al wel wat slechte waterflessen hebben gevonden, willen we al het water verversen, wat op de Wildevaart een dagtaak betekend. We halen alles overhoop, controleren en sorteren. Eenmaal aan de kade, waar we veel oude flessen weg gooien en nieuw vers water halen, vinden we ook internet. Daar leest Paul dat hij zijn opleiding heeft gehaald en dat de laatste voldoende binnen is, daar proosten we op, Ingenieur Paul Jansen!



Op de terug weg worden we eerst begroet door een pijlstaartrog en halverwege de 2km terugweg over helderblauw water komen we Joe en Juliette tegen, gezellig! Ze zijn een nachtje bij een ander eiland geweest en we kletsen elkaar oren van het hoofd, alsof we elkaar een week niet hebben gezien. Eenmaal bij de boot gaan we nog even naar het strandje bij het eiland waar we voor anker liggen en zien daar 3 grote pijlstaartroggen die we dan voor het eerst durven aaien. Het lijkt niet mooier te kunnen zijn hier, het lijkt bijna asociaal.. maar wat geweldig dit allemaal! Juliette zegt dat je ze ook kan optillen, maar dat durven we nog niet, eerst maar lief aaien, wat zijn ze zacht van onder en zo leuk nieuwsgierig!

Dit bericht is geplaatst in Wereldreis 2014-2016. Bookmark de permalink.